Voor mij is het boeddhisme de belangrijkste inspiratiebron. Sinds de jaren 80 volg ik lessen en retraites in het Tibetaans boeddhisme met als hoogtepunt een full-time drie-jaar-retraite in Zuid-Frankrijk, van 2006-2009.
Het boeddhisme gaat naar de kern van wie we zijn en heeft, zoals ik het zie, het hoogste altruïstische doel: alle wezens bevrijden van lijden. Het gaat hierbij niet alleen om ‘lichter’ in het leven te staan, om het leven met een open geest en hart tegemoet te treden. Het uiteindelijke doel van het boeddhisme is het bereiken van de staat van verlichting. Dit is niet iets buiten onszelf – het is al in ons aanwezig.
Het boeddhistische pad helpt ons om deze staat van verlichting te herkennen en te stabiliseren.

Het boeddhisme heeft ook veel te bieden als je geen boeddhist wilt worden, bijvoorbeeld door oefeningen in meditatie en (zelf)compassie.

In mijn praktijk als coach en trainer pas ik het geleerde toe. Het thema ‘eenvoudig leven’ sluit mooi aan bij de boeddhistische visie.
In ‘Het Tibetaanse boek van leven en sterven’ zegt Sogyal Rinpoche hierover:

Onze opgave is een evenwicht te vinden, een middenweg te zoeken, onszelf niet te overbelasten met zorgen en irrelevante bezigheden, maar ons leven steeds meer te vereenvoudigen. De sleutel tot het vinden van een gelukkig evenwicht in het moderne leven is eenvoud. 
Dit is wat in het boeddhisme eigenlijk bedoeld wordt met discipline. Discipline is doen wat passend of juist is; dat is, in deze uitermate ingewikkelde tijd, ons leven vereenvoudigen. Hierdoor zal innerlijke rust ontstaan.